30. Knutselen met code
En een beetje nostalgie met Mega Man, HTML en CSS
Weer een Strook met iets wat ik heb getekend, gelezen en geluisterd. Oh, en geknutseld.
Tekenen
Voor een bevriende Mega Man (fan) die altijd met van alles en nog wat bezig is, tekende ik een kaart met het startscherm van Mega Man II met al zijn karakters.
Lezen (& knutselen)
Met Claude Code knutselde ik deze week in extreem korte tijd een persoonlijke blog1 in elkaar: strook.blog. Als ik een Substack nieuwsbrief verstuur, verschijnt deze ook op mijn persoonlijke blog en wordt er automatisch een Engelse vertaling gemaakt die ik weer kan delen. Ik schreef geen letter code. Het was wel weer verslavend leuk.
Clive Thompson vertelt in het boek Coders het verhaal van de programmeurs die onze digitale wereld hebben gebouwd, en hoe hun manier van denken bepaalt hoe technologie werkt en ons leven beïnvloedt. Van rebelse, idealistische pioniers in de jaren ‘70 tot de cynischere ‘move fast and break things’ jaren. Programmeurs bepaalden wat er gebouwd werd en hoe.
In 2015 schreef ik in het essay Code Machines dat die rol drastisch zou veranderen. Diensten zoals Squarespace en Webflow beloofden toen al dat je complexe digitale producten kon bouwen zonder code te schrijven. Die trend was eerder al ingezet door frameworks en libraries die het werk versnellen. Ideeën werden steeds makkelijker te realiseren zonder diepgaande technische kennis.
Nou, ze zijn er, die code machines. Dit jaar voelt als een kantelpunt. De code machines zijn niet alleen veel sneller (een understatement), maar ook steeds meer in staat om betere én veiligere code te produceren dan een mens. Ik zie geen weg terug.
Ik word enthousiast van de mogelijkheden, maar besef ook dat hier iets verloren gaat. Nostalgie is in de technologie een zinloze emotie, en ik zal jullie besparen hoe Mega Man en ik als 13-jarigen onze eerste .com website HTML’den.
Maar toch: coden is ook een ambacht.
Meerdere jaren presenteerde ik CSS Day, waar browser-ontwikkelaars, auteurs van boeken en developers samen komen om nieuwe standaarden, specificaties en code te bespreken. Een betrokken gezelschap met aandacht voor ethiek, toegankelijkheid en diversiteit. Ook online wemelt het van liefdesprojecten voor het web die, vaak open-source, in ruil voor een vrijwillige donatie gebruikt kunnen worden.
Het is het resultaat van deze community waar AI nu op bouwt. De black-box die apps bouwt terwijl jij koffie haalt, heeft geleerd van talloze blogs, presentaties en door mens geschreven code. Anil Dash beschrijft in dit geweldige eerbetoon hoe Markdown, een simpel tekstformaat dat gratis werd aangeboden, nu de basis vormt voor hoe we ChatGPT aansturen.
Het succes van AI wordt gevoed door creativiteit en werk van schrijvers, kunstenaars en artiesten die niet meedelen in het succes. Ook Claude Code is daar geen uitzondering op.
Zoals vaker met AI zijn de gevolgen groot, maar de mogelijkheden ook. Dat ik door diezelfde AI juist een ouderwetse, persoonlijke blog kan bouwen om minder afhankelijk te zijn van Substack, vind ik veelzeggend. Het internet van nu is niet wat we hoopten2. Naast het risico op meer AI slop, ligt er ook een unieke kans om weer waardevolle apps en websites van onszelf te maken.
Luisteren
Na deze korte terugkeer in webdesign, mag Claude Code (en mijn hoofd) ook wel weer even uit. Er wordt getekend, in de natuur gewerkt en in de collectie van het Natuurhistorisch Museum. Bij dat minder haastige leven hoort idem muziek. Folkartiest Truman Sinclair past daar perfect bij.
Tot volgende week!
Tot nu maakte ik handmatig een back-up op mijn Wordpress blog. Ik ben niet de enige met enig wantrouwen in Substack, Rutger Otto deed deze week hetzelfde.
We didn’t ask for this Internet. Ezra Klein van de NYT in gesprek met Cory Doctorow.





